|
Programmasturing en lokale bestuurlijke verhoudingen Sinds de oude Gemeentewet plaatsgemaakt heeft voor de wet ‘Dualisering Gemeentebestuur’, is de scheiding van bevoegdheden en posities van raad en college een belangrijke verandering. Hierdoor is een dualistisch stelsel ontstaan. De raad en college vervullen in het dualisme ieder een eigen functie: Het college bestuurt en de raad stelt de kaders, controleert het bestuur en vertegenwoordigt de burgers. Het realiseren van bestuurlijke wensen is (nog) zelden mogelijk zonder de gecoördineerde inspanning van meerdere gemeentelijke organisaties; ook wel aangeduid als ‘integrale aanpak’. Onder de noemer ‘programma’ worden deze, veelal beleidsmatige inspanningen, (integraal) aangestuurd. Programma’s monden uit in een uitvoeringsplan, waarin de projecten worden beschreven waarmee het programma wordt gerealiseerd, teneinde het beoogde maatschappelijke effect te bereiken. De overheidsgroep van Van Spaendonck Management Consultants houdt zich intensief bezig met het vraagstuk ‘programmasturing’ en adviseert gemeenten daarbij. Vraagstukken kunnen in dit kader betrekking hebben op het inrichten van programmaorganisaties, de bedrijfsvoering van programma’s als de sturing op programma’s, mede gezien vanuit het licht van lokale bestuurlijke verhoudingen. Daarnaast voert ze zelfstandig onderzoek uit naar de belangrijkste ontwikkelingen en barrières op dit onderwerp, blijkend uit de onderzoekspublicaties ‘Slagvaardige bestuurders zonder (rug)dekking’ (Petra Veltheer en Rob Sprecher, 2006) en ‘Bestuurder van het stadhuis of bestuurder van de stad?’ (Petra Veltheer, Joost Broekman, Hans Krosse en Ivan Pouwels, 2008).
Referentieproject : Gemeente ’s-Hertogenbosch, sturing raad op voorjaarsnota en jaarrekening Ten einde het sturingsinstrumentarium van de gemeenteraad te verbeteren is door de raad van de gemeente ’s-Hertogenbosch aangegeven dat behoefte bestaat aan een andere opzet van de voorjaarsnota. Van Spaendonck Management Consultants heeft, in opdracht van de rekenkamercommissie een analyse uitgevoerd van de door het college doorgevoerde wijzigingen op de voorjaarsnota en een advies uitgebracht op welke wijze de stuurbaarheid van de voorjaarsnota kan worden vergroot. In het vervolg op dit onderzoek is ook opdracht verstrekt om de jaarrekening in dit licht te beschouwen.
|